Water versus water

Wij Belgen zijn de vierde grootste consumenten van flessenwater. We kopen dat water in plastic flessen en betalen er graag 500 tot 1000 keer de prijs van leidingwater voor. En de flessen... die vormen in de oceaan een eiland dat groter is dan Frankrijk, Spanje en Portugal samen. Leidingwater- en mineraalwaterbedrijven voeren inmiddels een strijd op leven en dood om de consument te overtuigen dat hun product gezonder of ecologischer is.

Jan de Zutter

Wie een kleine halve eeuw geleden flessenwater dronk, werd beschouw als een snob of niet goed bij z’n hoofd. Ondertussen is flessenwater de topper van de drankindustrie geworden. Maagdelijk besneeuwde bergtoppen, groene valleien en slanke juffrouwen op het etiket wijzen de consument er op dat flessenwater gezond is. De jaarlijkse wereldproductie van flessenwater bedroeg in 2004 ongeveer 154 miljard liter, ruim de helft meer dan vijf jaar daarvoor. Koplopers zijn de Italianen, met 185 liter flessenwater per persoon per jaar. België en Frankrijk staan op nummer vier van de wereldranglijst met 145 liter per persoon per jaar. Maar de grootste groeimarkt bevindt zich in de nieuwe economieën in Azië, waar het waterverbruik tussen 1999 en 2004 in sommige landen verdrievoudigde. Hoewel flessenwater vaak nog door regionale maatschappijen wordt gebotteld, zoals bij ons Spa, zijn er inmiddels ook grote spelers op de markt. De bekendste merken zoals Evian, Volvic, Perrier, Contrex of San Pellegrino, zijn in handen van multinationals als Danone of Nestlé. Er zijn dus grote financiële belangen te verdedigen in de promotie van flessenwater. Voor een slok ‘natuurlijk en gezond water’ uit de fles betalen consumenten graag 500 tot 1000 keer de prijs van kraantjeswater. Die prijs betalen ze echter niet voor het water zelf. Meer dan 90 procent van de kost van een fles water gaat naar transport, marketing, verpakking en winstmarges van de kleinhandel. Een topman van het Perrier-concern liet zich ooit ontvallen: “Het verbaasde me dat je enkel maar water uit de grond hoefde te halen, om het dan te verkopen voor de prijs die hoger ligt dan wijn, melk of olie.” Maar volgens Jean-Benoit Schrans van Spadel, dat zowel Spawaters als Bru verkoopt, is die hoge prijs te verklaren. “Er zijn de normale kosten die je in de hele voedingsindustrie hebt, zoals verpakking en transport. Wij mogen wettelijk bijvoorbeeld geen water in bulk transporteren. We moeten bottelen aan de bron. In België komt daar nog eens een verpakkingstaks bij die goed is voor 25 procent van de prijs van een fles mineraalwater. Bovendien hebben wij belangrijke kosten om ons bronnengebied te beschermen.”

De rush naar flessenwater is een typisch stedelijk fenomeen. Het heeft ondermeer te maken met de angst van stedelingen voor verouderde waterleidingen, met de algemene zucht naar een gezonder en natuurlijker leven én met de democratisering van de auto. Met een auto kon je immers makkelijk die zware flessen vervoeren. En er waren natuurlijk ook de voedselschandalen die mensen de schrik op het lijf hebben gejaagd. Van flessenwater verwachten consumenten dat het natuurlijk en daarom zuiver is. Ze geloven ook dat het beter smaakt dan kraantjeswater. Hoewel in blindtesten de meeste mensen helemaal geen verschil proeven. Alleen de chloorsmaak bederft de pret soms. “Wij doen inderdaad een veiligheidschloratie om besmetting met bacteriën te vermijden,” zegt Marc Buysse, directeur van Samenwerking Vlaams Water (SVW), de koepel van drinkwaterbedrijven. “Maar de hoeveelheden zijn volstrekt ongevaarlijk. Om de chloorsmaak uit je water te krijgen, kan je het water een half uurtje in een open kruik laten staan.” Maar Nederland kan hetzelfde veilige water aanbieden zonder dat er chloor in zit. “Daar werken ze met een nieuw systeem, dat besmetting door bacteriën tegengaat met UV-straling,” zegt Marc Buysse. “Ook de Antwerpse Waterwerken starten met die methode en andere watermaatschappijen onderzoeken het.”

Maar is flessenwater toch niet gezonder dan leidingwater? Beide producten moeten voldoen aan strenge normen en worden regelmatig gecontroleerd. Leidingwater moet in Europa voldoen aan 61 kwaliteitsvereisten die de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie volgen. Er wordt ondermeer gecontroleerd op ziekteverwekkende bacteriën, op de aanwezigheid van nitraten, calcium, fluor, chloor en op de hardheid of de zuurtegraad van water. Ook flessenwater wordt gecontroleerd, maar moet slechts aan 15 kwaliteitsvereisten voldoen. “Nochtans kunnen wij echte gezondheidsclaims maken,” zegt Jean-Benoit Schrans van Spadel. “Wij beschermen sinds 1889 13.177 hectare waterbronnen in de Hoge Venen. Onze waterkwaliteit is constant en zal dat ook binnen 50 jaar nog zijn. Mocht er zich uitzonderlijk een probleem voordoen, dan treedt er onmiddellijk een urgentieplan in werking, samen met de lokale overheden. Ik zal niet ontkennen dat ook bij mineraal- en bronwaters vervuiling kan optreden, maar het gaat echt om een druppel in een oceaan. Verwaarloosbaar dus.”

Hoe je het ook bekijkt, zowel bij flessenwater als bij leidingwater komen er wel eens incidenten voor. Vlaanderen maakt elke drie jaar een overzicht van de kwaliteit van ons leidingwater. Uit het laatste rapport van 2008 blijkt dat de kwaliteit in orde is. Maar er zijn toch enkele problemen. Vooral de landbouw vormt een risico voor de besmetting van het grond- en oppervlaktewater. Zo werden er in bepaalde gebieden in Vlaanderen bestrijdingsmiddelen (herbiciden) en nitraten aangetroffen. De hoeveelheden liggen weliswaar beneden de wettelijk toegestane normen, maar ons drinkwater moet wél in de gaten worden gehouden. Maar betekent dat dat flessenwater gezonder is? Een recente studie van de universiteit van Frankfurt toont aan dat van 20 soorten flessenwater in Duitsland er 12 besmet waren met pseudo-oestrogenen. Dat zijn stoffen die lijken op het vrouwelijke hormoon en schadelijk zijn voor de gezondheid. “Wij kennen die studie,” zegt Jean-Benoit Schrans. “Ondertussen werd ze door verschillende experts als totaal onwetenschappelijk bevonden.” In ons land controleerde Test-Aankoop in 2008 48 merken niet-bruisend flessenwater. Volgens de consumentenorganisatie was één op de vier merken, waaronder Contrex, Vittel en Tönissteiner, niet geschikt voor dagelijkse consumptie vanwege het hoge fluor-, sulfaat- of natriumgehalte. Meer dan de helft van de merken waren volgens Test-Aankoop ook niet geschikt voor baby’s en zwangere vrouwen. Dat ontkracht meteen de stelling dat baby’s en zwangere vrouwen enkel flessenwater mogen drinken. Alleen flessenwater met een specifieke samenstelling is geschikt voor baby’s en zwangere vrouwen. Spa is bijvoorbeeld uitermate geschikt voor baby’s omwille van de lage concentraties mineralen. “Leidingwater is ook geschikt voor baby’s, behalve wanneer de baby een zwakke spijsvertering heeft,” zegt Marc Buysse. “Dan zal de arts een mineraalarm flessenwater voorschrijven. Maar lang niet alle soorten flessenwater zijn geschikt voor baby’s. Sommige mineraal- en bronwaters hebben hoge concentraties mineralen, die ongeschikt zijn voor baby’s. Dergelijke hoge concentraties zal je nooit aantreffen in leidingwater, omdat onze normen veel strenger zijn.” Zowel leidingwater als flessenwater zijn relatief veilig en gezond om te drinken. Vandaag gaat de discussie meer om de milieu-impact van het transport van al die miljoenen flessen water. En over de milieukost van de verpakking. Nagenoeg 70 procent van de waterflessen zijn van plastic gemaakt. Jaarlijks is er 2,7 miljoen ton plastic nodig om flessen te produceren. Maar is dat erg? We zamelen toch plastic in. Dat klopt niet helemaal. In de meeste landen zijn er helemaal geen recyclageprogramma’s. In Europa wordt slechts 37 procent van de PET-flessen ingezameld. De helft van dat ingezamelde materiaal gaat naar de productie van textielvezels. Maar de Belgen doen het uitzonderlijk goed. Met 75 procent ingezamelde PET-flessen staat we op nummer 1 in Europa. “Spa gebruikt sinds tien jaar 25 procent gerecycleerde PET in haar flessen,” zegt Jean-Benoit Schrans. “Daarmee verlagen we onze ecologische voetafdruk. Dat doen we ook door het gewicht van de flessen te laten dalen. Vandaag weegt een fles 40 procent minder dan pakweg 30 jaar geleden. Dat betekent ook dat we minder plastic moeten gebruiken.” Hoewel Spa het aandeel gerecycleerde PET wil verhogen, gelooft het bedrijf niet dat het mogelijk is om alle flessen uit gerecycleerd materiaal te maken. Een te hoge concentratie gerecycleerde PET geeft immers een gelige schijn aan het plastic en dat ‘lust’ de consument niet.

Het plasticprobleem blijft dus aanslepen. In de Stille Oceaan drijft inmiddels een plastic ‘eiland’ dat zo groot is als Frankrijk, Spanje en Portugal samen, de zogenaamde Great Pacific Garbadge Patch. Je kan het eiland niet echt ‘zien’, omdat plastic langzaam uiteen valt in kleine deeltjes die zich net onder het wateroppervlak bevinden of naar de zeebodem zakken. Het bestaat voor 13 procent uit plastic flessen en voor 9 procent uit plastic zakken, naast allerlei kleine plastic deeltjes, zoals rietjes, doppen, bekertjes en plastic korrels. Plastic afval bedreigt nu wereldwijd zo’n 267 diersoorten, waaronder 86 procent van de zeeschildpadden, 44 procent van alle zeevogelsoorten en 43 procent van alle zeezoogdieren. De Nederlandse schrijfster Jesse Goossens, die het probleem aankaart in haar recente boek ‘De Plastic Soep’, noemt de plastic-vervuiling “op z’n minst een even groot vraagstuk als de klimaatcrisis.”

Hoe we de plastic brij uit de oceaan kunnen krijgen, weet niemand. Het zal wellicht eeuwen duren alvorens het probleem - letterlijk - is opgelost. Wel duidelijk is dat er geen plastic meer mag bijkomen. Dat betekent dat we moeten werken aan bioafbreekbare plasticsoorten of recylageprogramma’s moeten opzetten die alle plastic recycleren. Het plasticprobleem heeft ondertussen de strijd tussen leidingwatermaatschappijen en mineraalwaterbedrijven ten top gedreven. “Wij worden gediaboliseerd,” zegt Jean-Benoit Schrans. “Belgen drinken dagelijks 0,35 liter mineraalwater. Ze verbruiken dagelijks ook 110 liter leidingwater, waarvan slechts 1 procent ook echt gedronken wordt. Mochten wij geen enkele fles meer verkopen, dan stijgt het verbruik van leidingwater slechts met 0,35 liter per dag. Ik begrijp niet waarom leidingwatermaatschappijen zich zo inspannen om dat marktaandeel nog binnen te halen.” De leidingwatermaatschappijen promoten intussen sterk kraantjeswater als een ‘gezond en ecologisch alternatief’ voor mineraalwater. Zo kregen alle Gentenaars een herbruikbare waterkan, waarin ze kraantjeswater kunnen serveren. De kruik past netjes in het koelvak van de koelkast. Antwerpen lanceerde een glazen kruik voor A-water. Dat komt gewoon uit de Antwerpse kraan. Een glas A-water kost 0,0003 euro, een fractie van wat je betaalt voor mineraalwater uit een fles.


Jesse Goossens, Plastic soep. Lemniscaat, 171 blz., €19,95.

Het boek is ook digitaal te lezen op www.jessegoossens.nl





Tip

Aan leidingwater worden kleine hoeveelheden chloor toegevoegd, als bacteriedodend middel. Mocht je toch vinden dat het leidingwater uit je buurt te veel naar chloor smaakt, laat het dan een half uurtje staan in een kruik zonder dop. Of voeg er enkele druppels citroensap aan toe om de smaak te neutraliseren.

Waar zitten de oestrogenen?


De afgelopen jaren is er behoorlijk wat aandacht geweest voor de aanwezigheid van oestrogenen - vrouwelijke hormonen - in het oppervlakte en bodemwater. Zowel natuurlijke als synthetische oestrogenen, afkomstig uit de pil, komen er in terecht. Daarbovenop wordt de waterkwaliteit extra belast met pseudo-oestrogenen afkomstig uit plastics. De gevolgen zijn ernstig. Wetenschappers ontdekten vissen die van geslacht veranderen, maar vrezen ook dat ‘oestrogene belasting’ de vruchtbaarheid van mensen verstoort. Omdat leidingwater zowel van oppervlakte- als grondwater afkomstig is, vrezen nogal wat mensen dat het besmet is met oestrogenen en kiezen ze voor flessenwater. Maar zo eenvoudig is het niet. Leidingwater kan oestrogenen bevatten, hoewel de Vlaamse watermaatschappijen beweren dat het grootste deel weggezuiverd wordt met koolfilters. Spijkerharde garanties zijn er echter niet. Maar die zijn er evenmin voor flessenwater. Dat komt immers ook uit de grond én wordt nog eens extra besmet door pseudo-oestrogenen (ftalaten en bisfenol A) die uit de plastic verpakking lekken. In april ontdekten wetenschappers van de universiteit van Frankfurt dat van de 20 soorten flessenwater in Duitsland er 12 besmet waren met pseudo-oestrogenen. Vooral water uit plastic flessen scoorde slecht.



Waar komt ons leidingwater vandaan?


Twintig procent van ons drinkwater komt uit Wallonië en in kleinere mate uit Frankrijk en Nederland. Tachtig procent wordt gewonnen uit grondwater en oppervlaktewater. De grootste bron van oppervlaktewater is het Albertkanaal. De helft van ons leidingwater komt uit oppervlaktewater, de andere helft uit grondwater.